zondag 14 augustus 2016

DE KELTEN

In het midden van de 19e eeuw werden in het Oostenrijkse plaatsje Hallstatt bijna 900 graven blootgelegd van een bevolking die al sinds de 10e eeuw voor Christus mijnen groef in de nabijgelegen bergen waar zich kostbare zoutlagen bevonden. In de graven werden veel ijzeren wapens en werktuigen aangetroffen, zoveel dat archeologen later besloten om deze vondsten als de eerste karakteristieke bewijzen voor de IJzertijd aan te merken. Mijnwerkersgereedschappen diep uit de krochten van de aarde herinneren aan het zware werk dat hier verzet werd.
Met de vondsten uit Hallstatt traden de Kelten voor het eerst in het licht van de historie. Vanaf ongeveer 700 voor Christus zouden zij vanuit Oostenrijk en Zuid-Duitsland naar alle windrichtingen uitwaaieren, steeds verder op zoek naar nieuwe landbouwgronden. Zij vonden de ijzeren ploeg uit waardoor ook moeilijk bewerkbare bodems te lijf konden worden gegaan. Na vier eeuwen woonden hun nazaten langs alle westelijke kusten van de Atlantische Oceaan, van Ierland tot in Portugal. In het zuiden vond men hun nederzettingen tot in Noord-Italië en in het oosten tot diep in Turkije. Overal waren hun, soms kolossale heuvelforten en vorstengraven met rijke inhoud te vinden.
De Kelten waren niet uit op het stichten van een rijk. Elke stam had zijn eigen grondgebied en er was regelmatig onderlinge strijd. Zij hadden groot respect voor de hen omringende natuur die bevolkt werd door talloze goden en godinnen die in wouden, rivieren, meren en bergen huisden. Vooral in de Ierse en Welshe mythologie is veel bewaard gebleven van hun wereldbeeld en religie. Hun lot was dat in de eeuwen waarin zij een groot deel van Europa veroverden er in het zuiden een stad was die hetzelfde doel voor ogen had: Rome. In de eeuwen die volgden zou de strijd met de Romeinen in al hun gebieden uitbreken.

vrijdag 17 juni 2016

PLAKA, KRETA

Een piepklein dorpje waar het massatoerisme nog niet is neergedaald. De toeristen reizen meteen door naar Spinalonga en 's middags is het heerlijk om op een van de terrasjes te zitten, authentieke Griekse muziek te horen, een zeebriesje te voelen en tussen de Grieken en met een drankje de tijd voorbij te laten gaan.

woensdag 25 mei 2016

SPINALONGA, KRETA: VENETIAANS FORT (1538) EN LEPRAKOLONIE (1903-1957)

Roman: Het Eiland van Victoria Hislop.

KRETA

Zelfs in september nog slaat de hitte je tegemoet als uit de terminal van het vliegveld van Iraklion komt. Meteen ook sta je midden in de heksenketel van het kretenzische verkeer. Na enige minuten heb ik echter al de sleutels van de huurauto in mijn handen en even later rijd ik op de 'snelweg' naar het oosten. Een uur lang rijd ik langs heuvels en bergen met overal olijfgaarden en een indringende geur van kruiden. Links van mij is de zee met plaatsen vol hotels. Het verdwijnt achter mij als de weg naar het zuiden afbuigt. Mijn bestemming is een klein plaatsje aan zee met een authentieke vissershaven. Achter de laatste huizen rijzen de heuvels en bergen snel en steil omhoog. Er komen relatief weinig toeristen en ik noem de naam niet want ik hoop dat het daar zo blijft. Ik ga op zoek naar de overblijfselen van de klassiek Griekse periode en de tijd van de Minoïsche cultuur die duizend jkaar eerder zijn hoogtepunt had. Het valt niet moeilijk om die resten te vinden. Heuvels en dalen lijken er mee bezaaid te zijn, vaak op plekken die sinds hun ondergang nooit meer bewoond zijn geweest. Muren, straten en ruïnes van gebouwen zijn met veel moeite blootgelegd maar de natuur er om heen strekt voortdurend zijn tentakels uit naar de kwetsbare overblijfselen. Sommige plaatsen worden druk bezocht, op andere plekken kom je niemand tegen: er is slechts de stilte van het verleden die alleen door krekels verstoord wordt. De oude Grieken kozen hun woonplaatsen bewust, altijd temidden van prachtigen en indrukwekkende panorama's met uitzicht op zee en hoge bergtoppen. Kijkend naar het oude plaveisel van straten en stegen en muren van ooit veelsoortige gebouwen zie ik dan het leven van weleer op zulke plekken even terugkeren. De muren worden weer gebouwen en er lopen en zitten overal bewoners en handelaren uit verre landen. Er wordt gepraat en muziek gemaakt want de oude bewoners van Kreta waren een levenslustig volk. Met die beelden loop ik na enige tijd weer zachtjes weg van zo'n plek. Een tijdje later zit ik aan een tafeltje van een taverna met een Griekse salade en een glas wijn. Om me heen zitten vooral Grieken nog steeds van het leven te genieten zoals ik hun verre voorouders zojuist nog hetzelfde had zien doen in de tijd van weleer.

dinsdag 17 mei 2016

MINOÏSCH PALEIS MALLIA OP KRETA

Op Kreta zijn vanaf 1900 voor Christus diverse indrukwekkende paleizen gebouwd, waarvan Knossos het bekendste is. Ze werden vernoemd naar de mythologische koning Minos. De paleizen waren voorzien van beschilderde zuilen en prachtige veelkleurige freso's waarop het rijke en vrolijke leven van de oude Kretenzers te zien is. De welgestelden bezaten schitterende sier- en gebruiksvoorwerpen, waar onder mooie , zeer fijn gegraveerde gouden ringen. Het paleis bezat een centrale hofzaal, rituele gebouwen, opslagplaatsen en werkplaatsen. Omstreeks 1700 v.Chr. werd een aantal paleizen verwoest en een halve eeuw later weer verbouwd. Toen begon de grote bloeitijd die bijna drie eeuwen zou duren. In die tijd werd handel gedreven met Griekenland, Egypte en Libanon.