dinsdag 19 januari 2016
maandag 18 januari 2016
maandag 11 januari 2016
WAS THERA (SANTORINI) ATLANTIS?
In vele mythen bleef de herinnering aan het rijke en vredelievende Kreta bewaard zoals er ook nog verhalen de ronde deden over de Trojaanse oorlog en de steden van hun helden zoals Mykene, Tiryns en Pilos.

Mogelijk ontleende Plato zijn verhaal over Atlantis aan de Griekse Staatsman Solon (638-558 v.Chr.) die het weer gehoord had van een Egyptische priester uit Sais. Atlantis was een welvarend eilandenrijk dat buiten de Zuilen van Hercules, de Straat van Gibraltar gelegen zou hebben. Er regeerden achtereenvolgens 10 koningen. Omdat de bewoners hun goden onvoldoende vereerden lieten deze het rijk 11.000 jaar geleden door vulkanische explosies in zee verdwijnen.
Atlantis werd in de loop der door diverse filosofen en wetenschappers gesitueerd op talloze plekken op aarde. Geologen uit deze tijd verklaarden dat het onmogelijk in de Atlantische Oceaan gelegen zou kunnen hebben. Toen enige decennia geleden archeologen bij Akroteri op het eiland Santorini op in rukwekkende overblijfselen stuitten van een stad uit de bloeitijd van het oude Kreta meenden ze al snel dat ze het oude Atlantis ontdekt hadden: resten van werkplaatsen, woningen met etages en prachtige muurschilderingen waarop o.a. schepen met rijke personages en dolfijnen afgebeeld waren leken het verhaal van Plato te illustreren. Ruimer gezien zouden ook Kreta en een aantal noordelijker gelegen eilanden onderdelen van dit maritieme rijk geweest zijn.
donderdag 7 januari 2016
DE TRAPPENPYRAMIDE VAN DJOSER BIJ SAKKARA (EGYPTE)

De trappenpyramide van farao Djoser is het oudste stenen gebouw ter wereld. Zijn vizier Imhotep bouwde de pyramide en het bijbehorende gebouwencomplex omstreeks 2650 voor Christus. Er werd voornamelijk gebruik gemaakt van natuursteen.
De schoonheid en omvang van het totale complex(544x277 meter) moet op tijdgenoten een verbijsterende indruk hebben gemaakt en het was dan ook niet verwonderlijk dat de architect later tot god werd verklaard.
De basis van de pyramide was een mastaba, een vierkant plat bouwwerk met een hoogte van ca.15 meter. Daarboven en naast werden nieuwe mastaba's gebouwd tot een hoogte van 60 meter waardoor uiteindelijk de trappenpyramide ontstond. Onder dit geheel lagen de grafkamer en een stelsel van andere vertrekken en gangen. Binnen het ommuurde terrein bevonden zich kapellen en een dodentempel. Imhotep had geen voorbeeld en moest elk onderdeel zelf ontwerpen en vormgeven. Een ongelooflijke prestatie die tot op de dag van vandaag ontzag afdwingt.
maandag 4 januari 2016
ERZSEBETH BATHORY, EEN BLOEDDORSTIGE GRAVIN

In de Kleine Karpaten ligt, niet ver van de grens met Tsjechië, het Slowaakse dorpje Cachtice. Deze plaats zal maar weinig mensen iets zeggen en is dan ook allerminst een toeristische bezienswaardigheid. Dat er toch regelmatig bezoekers verschijnen heeft dan ook een andere oorzaak: een kasteelruïne, die enige kilometers ten noordwesten van Cachtice gelegen is. Vier eeuwen geleden stond hier een onneembaar slot waar Elisabeth(Erzsebet) Bathory resideerde. Zij is de geschiedenis in gegaan als de bloedgravin die honderden meisjes martelde en vermoordde.Kasteel Cachtice maakte in de Middeleeuwen deel uit van een serie versterkingen aan de westgrens van het Koninkrijk Hongarije. Door oorlogshandelingen in 1670 en 1708 raakte het slot zwaar beschadigd en verviel daarna tot een ruïne. Een 19e eeuwse foto toont grauwe muurresten op een boomloze heuveltop, een desolaat oord dat beelden op roept van een gruwelijke voorgeschiedenis.
Niet voor niets is deze bloeddorstige gravin vaak in een adem genoemd met de 15e eeuwse heerser over Walachije in Roemenië, Vlad Tepes, die we beter kennen als graaf Dracula. Vast staat dat telgen van beide adellijke geslachten in hun turbulente tijd, vol oorlogshandelingen, met elkaar van doen hebben gehad.
Elisabeth Bathory werd geboren in 1560. Haar ouders behoorden tot de oudste en rijkste families van Hongarije. In 1575 huwde ze met Ferencz Nadasky die in 1578 legeraanvoerder werd van de Hongaarse troepen in hun oorlog tegen de Turken, die toen tot in Midden-Europa waren doorgedrongen. Nadasky was een moedige maar ook wrede legeraanvoerder. Zijn huwelijksgeschenk aan Elisabeth was kasteel Cachtice dat hij vlak voor zijn dood(1604?) kocht voor 36.000 goudstukken van keizer Rudolf ll.
In Elisabeth's milieu zouden al vroeg duistere personen zijn opgetreden. Een oom was bekend als duivelsaanbidder en sommige andere familieleden waren krankzinnig of pervers. Een manlijke bediende bracht haar in occulte sferen en een tante zou haar de 'genietingen' van martelingen hebben bij gebracht.
Wanneer Elisabeth met haar eigen duistere praktijken begonnen is, is onbekend. Ze moet een mooie en intelligente vrouw geweest zijn die bang was om ouder te worden. Ze had een bijna transparante huid die sterk contrasteerde met haar donkere haar. Haar originele portret van 1585, dat daarna vaak gekopieerd werd, is verloren gegaan.
Volgens een hardnekkig verhaal sloeg ze een van haar bediendes eens zo hard dat ze het meisje ernstig verwondde waardoor er bloedspatten op haar huid kwamen. Het viel haar later op dat die plekken er jonger uit leken te zien waardoor er bij haar een waanidee ontstond dat maagdenbloed haar jong kon houden.
Al snel bleken wrede vrouwen om haar heen bereid om haar te steunen in haar bloeddorstige denkbeelden. Zij stroopten de omgeving af op zoek naar boerenmaagden die ze op vreselijke wijze vermoordden zodat de gravin in hun bloed kon baden en ervan kon drinken.
Haar echtgenoot en familie schijnen op de hoogte te zijn geweest van haar gruwelijke praktijken maar grepen niet in. Het verhaal gaat dat de gravin haar kasteel niet meer kon verlaten zonder gewapend escorte omdat de onwonende boeren al lang angstige vermoedens hadden over het lot van hun verdwenen dochters. Er was voor hen niemand waarbij zij zich konden beklagen, laat staan dat ze een gravin konden beschuldigen.
Elisabeth werd op den duur overmoedig en liet ook dochters van aanzienlijke families, zogenaamd voor leerzame doeleinden, naar haar kasteel komen. De nieuwe slachtoffers werden op dezelfde beestachtige wijze behandeld en afgemaakt als de boerendochters eerder. Enige van hun dode lichamen werden over de kasteelmuur gegooid. Toen Elisabeth hiervan hoorde was het te laat. Dit keer ging het niet meer om simpele boerenmeisjes. Nu waren er adellijke slachtoffers in het geding en daarmee had ze een fatale grens overschreden.
Koning Mathias ll van Hongarije beval graaf Thurzo, Elisabeth's neef, om het kasteel te onderzoeken. Op 30 december 1610 vonden soldaten in en rondom het kasteeltientallen slachtoffers.
Er volgden processen met afschuwelijke getuigenissen. Elisabeth's medewerksters werden verbrand of onthoofd. Elisabeth zelf bekende geen enkele schuld. Ze werd ingemetseld in een kamer van haar slot met in de muur slechts een klein gat om haar van eten en drinken te kunnen voorzien. Op 21 augustus 1614, vier jaar na haar opsluiting, overleed ze.
vrijdag 1 januari 2016
OP ZOEK NAAR OUDE DUISTERE RITUELEN
Twee dagen later vervolgde ik mijn reis naar Asparn an der Zaya in het noordoosten van Oostenrijk waar in 1983 een nederzetting van de bandkeramische cultuur uit het Vroege Neolithicum was opgegraven. Het was de eerste landbouwesrcultuur van Midden- en Noordwest-Europa die ook in Zuid-Limburg is aangetroffen. In graven waren schedels met sporen van dodelijke verwondingen vastgesteld die onder andere door stenen bijlen veroorzaakt waren. In totaal ging het om ongeveer 100 slachtoffers. Deze massamoord betekende het einde van de nederzetting die kort tevoren, tijdens de laatste fase van de cultuur, nog versterkt was. Onderweg in de trein las ik het macabere opgravingsverslag. Later bekeek ik in het museum van Asparn an der Zaya de trieste resten van de dorpbevolking van zes duizend jaar geleden. De door bijlen toegebrachte wonden waren onmiskenbaar en men had zelfs nog enige van deze moordwapens terug gevonden. Ik sprak met conservator Gabrielle Reiner over de bizarre vondsten. We hadden beiden geen logische verklaring voor een massamoord in deze fase van de prehistorie.
Later leerde ik door vele nieuwe archeologische ontdekkingen dat massamoorden en mensenoffers in het verre verleden niet ongebruikelijk waren.
zondag 27 december 2015
OP REIS DOOR SCHEMERGEBIEDEN IN DE HISTORIE
Dagelijks bereikt ons nieuws over bijzondere gebeurtenissen of voorvallen uit de hele wereld. Sommige nieuwsfeiten zullen in de geschiedenisboeken terecht komen, andere zijn spoedig uit het collectieve geheugen verdwenen. Sensationele berichten zijn in toenemende mate onderhevig aan erosie van belangstelling. We worden overspoeld met spectaculair nieuws en vroeg of laat kijken we steeds kritischer en selectiever naar al die zogenaamde hoogtepunten in de actualiteit. Ondertussen dreigen echt belangrijke berichten van meer duurzame aard aan onze belangstelling te ontsnappen en op de achtergrond te geraken. Bijna dagelijks worden er interessante archeologische en historische ontdekkingen gedaan maar verreweg de meeste komen zelden in het nieuws. Dat is jammer omdat het vaak gaat om vondsten die een heel nieuw licht doen schijnen op culturen en hun prachtige, maar ook bizarre uitingen: soms dichtbij huis en een andere keer op slechts enige honderden kilometers afstand. Vaak zijn ze met raadsels omgeven: mystiek, magie en occultisme. Sommige vondsten gaan niet verder terug dan enige generaties geleden, andere stammen uit in nevels gehulde episoden van de prehistorie, soms gelegen in desolate gebieden. Van nu af aan neem ik je in mijn verhalen mee op mijn reizen door de schemergebieden van de historie.
In tal van archieven en bibliotheken liggen geheimzinnige documenten of manuscripten op ontsluiting of vertaling te wachten. Menige bekende archeologische vindplaats is slechts ten delen blootgelegd. In de nog niet blootgelegde terreinen bevinden zich talloze objecten en fundamenten die ons beeld op het verleden danig kunnen veranderen.
Ik ga er naar op zoek, Kriskras door Europa en rond de Middellandse Zee. Volg deze blog en je zult er versteld van staan hoeveel van het verleden nog verborgen of moeilijk toegankelijk is.
Soms kunnen museumcollecties plotseling onttrokken worden aan het oog van de museumbezoeker, bij voorbeeld als er tijdens bezuinigingen besloten wordt om een museum op non-actief te stellen wat in de praktijk meestal betekent dat de beherende organisatie wordt opgeheven en de collectie achter slot en grendel gaat. Zoiets overkwam het Historisch Museum Deventer dat al sinds 1915 was ondergebracht in de monumentale Waag op de Brink. Prachtige schilderijen het stads- en IJsselgezichten, archeologische vondsten uit de binnenstad en aangrenzende Colmschate, waar een prehistorische nederzetting was opgegraven, zilverwerk en objecten van de industriële historie verhuisden naar depots in Zwolle.
Een andere keer komen bij grootschalige opgravingen plotseling talloze sporen en gebruiksvoorwerpen van vroegere bewoning aan het licht zoals gebeurde tijdens de aanleg van de Betuwelijn. Er werden nederzettingen en graven uit de Nieuwe Steentijd, Bronstijd en IJzertijd gevonden en overblijfselen van Bataafse en Romeinse bewoning. Het ging om vele tientallen vindplaatsen langs het hele tracé van de spoorlijn.
Veel kastelen verdwenen, meestal door oorlogshandelingen, in een tijd waarin dergelijke gebouwen nog niet werden geschilderd of getekend (dat begon pas echt in de 17e eeuw. Van slot Kell bij Doesburg bleef alleen maar een muurtje bewaard. Aan andere burchten herinneren alleen nog oude overleveringen zoals die van het slot de verloren gewaande kruisridder bij het plaatsje Didam in de Achterhoek.
Wat verder te denken van andere plekken waaraan geheimzinnige sagen verbonden zijn zoals de Duivelssteen bij De Steeg op de Veluwe waar soms een merkwaardig licht gezien wordt.
Het verleden kan in je achtertuin verborgen liggen, maar ook op eenzame heidevelden of bij ondoordringbare moerassen.
Soms moet je er lang voor reizen om het te vinden en soms is het na lang zoeken te vinden in het gemeentearchief van je eigen woonplaats.
In tal van archieven en bibliotheken liggen geheimzinnige documenten of manuscripten op ontsluiting of vertaling te wachten. Menige bekende archeologische vindplaats is slechts ten delen blootgelegd. In de nog niet blootgelegde terreinen bevinden zich talloze objecten en fundamenten die ons beeld op het verleden danig kunnen veranderen.
Soms kunnen museumcollecties plotseling onttrokken worden aan het oog van de museumbezoeker, bij voorbeeld als er tijdens bezuinigingen besloten wordt om een museum op non-actief te stellen wat in de praktijk meestal betekent dat de beherende organisatie wordt opgeheven en de collectie achter slot en grendel gaat. Zoiets overkwam het Historisch Museum Deventer dat al sinds 1915 was ondergebracht in de monumentale Waag op de Brink. Prachtige schilderijen het stads- en IJsselgezichten, archeologische vondsten uit de binnenstad en aangrenzende Colmschate, waar een prehistorische nederzetting was opgegraven, zilverwerk en objecten van de industriële historie verhuisden naar depots in Zwolle.
Veel kastelen verdwenen, meestal door oorlogshandelingen, in een tijd waarin dergelijke gebouwen nog niet werden geschilderd of getekend (dat begon pas echt in de 17e eeuw. Van slot Kell bij Doesburg bleef alleen maar een muurtje bewaard. Aan andere burchten herinneren alleen nog oude overleveringen zoals die van het slot de verloren gewaande kruisridder bij het plaatsje Didam in de Achterhoek.
Abonneren op:
Posts (Atom)